Ik werd tijdens mijn zoektocht steeds meer overtuigd dat Gods regels nog steeds van kracht zijn, maar kwam wel in de knoop met mijn christelijke erfenis. Zoals bij zovele christenen was mij met de paplepel ingegoten dat de wet en Israël hadden afgedaan. Van mensen die zich met Israël en het Jodendom bezig hielden werd gezegd dat ze last van Israël-visie hadden. Dit werd uitgesproken alsof het om een ernstige, besmettelijke ziekte ging, waarbij je maar beter uit de buurt kon blijven. Intussen was mijn interesse gewekt en ik wilde het zelf gaan ontdekken. Ik las een boek van mijn favoriete schrijver Jamie Buckingham. In zijn boek Een pad door de woestijn, uitgeverij Gideon, schrijft hij over het moment dat het volk Israël bij het water, Mara (bitter) geheten, aankwam en daar opnieuw begon te morren en mopperen op Mozes. Mozes werpt dan een stuk hout in het water, waarna het water zoet wordt en de Israëlieten ervan drinken. Jamie Buckingham stelt dan de lezers de vraag of God een fout had gemaakt met het geven van het bittere water of dat de Israëlieten fout zaten door te vragen dit water zoet te maken. Nog nooit had ik mijzelf deze vraag gesteld en ik wist ook niet dat deze ene vraag mijn hele geloofsleven zo’n drastische wending zou gaan geven. Ik was nooit Verder gekomen dan dat Mozes het water drinkbaar had gemaakt.

De schrijver legt aan de hand van deze gebeurtenis een ons uit. Bitter water betekende voor de Israëlieten dat zuiveren van alle pesticiden die zij hadden meegenomen. Bitter water zou ervoor gezorgd hebben dat hun stoelgang op gang zou zijn gekomen, waardoor hun lichaam gezuiverd zou worden. Daarnaast zou het magnesium, dat terug te vinden is in bitter water, hen kracht hebben gegeven voor de uitputtende reis in de warm zon. Moderne sportlieden die moeten presteren in de warme zon slikken extra magnesium. Israël bedankte hiervoor en nam liever alle bacteriën en pesticiden uit Egypte mee. Dit was ook geestelijk: Ze wilden geen afstand doen van de zonden van Egypte. Ook vandaag de dag kiezen vele christenen niet voor het bittere water. Ze zien op tegen de pijn die het kost om werkelijk te sterven aan het eigen ik, maar God heeft het beste met u voor. Beter te sterven aan het begin en in een nieuw leven verder te gaan, dan uiteindelijk om te komen in de woestijn.

uit Hé chisten, je wortels zijn joods van Immanuel Livestro